‘Stof zijt gij en tot stof zult gij wederkeren’, aldus de Bijbel. Iets waar zelfs de agnosten en atheïsten het mee eens zullen zijn. Recentelijk las ik een artikel op Visionair.nl, waar mede-LAS’er Niek Verlaan actief voor schrijft. In dit artikel wordt het idee behandeld van Aubrey de Grey, biomedisch gerontoloog en onderzoeker naar levensverlenging, dat het einde van dit fundamentele principe voor ‘mens-zijn’ in zicht is. Stel je voor, ouderdom en sterfte in het verlengde daarvan zijn ziektes die weldra genezen kunnen worden. Alchemisten en dromers zijn De Grey voorgegaan met hun streven naar het eeuwig leven. Bij verwezenlijking van dit zo tot de verbeelding sprekende idee worden alle stillevens met hun memento mori definitief gedateerde kunstwerken en zal de tijd in zekere zin stil komen te staan. De ‘invoering’ hiervan zou de markering kunnen betekenen van een nieuw hoofdstuk uit de menselijke geschiedenis dat zijn weerga niet kennen zal. Inderdaad, maar in positieve zin? Mijn twijfel hierbij is of de mens zoiets eigenlijk wel zou moeten willen.
Sinds ik het artikel enkele maanden geleden las heeft het me niet losgelaten. Van tijd tot tijd breek ik mijn hoofd over de gigantische consequenties die dit nog te ontwikkelen medische wonder zal hebben. Probeer het te bevatten. Het is niet onwaarschijnlijk dat onsterfelijkheid voor de mens meer problemen zal doen ontstaan dan oplossen. Ikzelf weet niet welke gedachte me meer angst en verdriet inboezemt: de eindigheid der dingen of het eeuwig menselijk voortbestaan. Ik betrok het idee aanvankelijk niet op mijzelf, het is goed mogelijk dat ik die tijd van de onsterfelijkheid zelf toch niet mee zal maken. En ook al zou ik dat doen, dan zal ik behoorlijk op leeftijd zijn, de onsterfelijkheid niet eens meer waard – laat staan dat ik echt onsterfelijk wil zijn.
In plaats daarvan probeerde ik me een wereld na mij voor te stellen waarin die relatieve immortaliteit van mensen een feit zou zijn, en alomtegenwoordig. Dat wil zeggen: er is alleen nog aanwas maar geen gelijkwaardige sterfte meer – afgezien van doden in ongelukken en gevallenen in oorlogen bijvoorbeeld. De overbevolking die dit gegeven met zich meebrengt zal gemeenschappen hoe dan ook dwingen een actief geboortebeperkingsbeleid te voeren – áls de sleutel tot onsterfelijkheid überhaupt toegankelijk wordt gemaakt voor elke sociale klasse of groep. Ondanks de ‘neiging’ van technologie om zich democratisch en top-down te verspreiden (zie internet of vuurwapens) is het geen gekke gedachte dat elitaire groepen degenen zonder geld en macht deze onsterfelijkheid ontzeggen. Het voorrecht niet dood te hoeven gaan zou duur bekocht kunnen worden, letterlijke en figuurlijk. Als we kijken naar de mate waarin vandaag de dag unanieme, wereldwijde actie wordt ondernomen tegen mondiale problemen als het versterkte broeikaseffect of armoede is met enige zekerheid te zeggen dat ook voor humane, gezamenlijk overeengekomen maatregelen tegen de overbevolkingskwestie geen algeheel draagvlak en actiefront zal worden gevonden – tenzij wijsheid daadwerkelijk met de jaren komt natuurlijk.
Een andere ethische vraag die rijst is vanaf welke leeftijd of welk stadium in het volwassen worden van een mens men de anti-verouderingsmethode zou mogen toepassen. Bovendien stelt De Grey dat het absoluut niet de bedoeling is mensen in slechte conditie in leven te houden, wat in mijn ogen schrikbarend dicht bij de concepten van eugenetica komt. Hoe zouden mensen functioneren in een postmortaal tijdperk? In het licht van de dood wordt het leven – hoewel in essentie nutteloos – de moeite waard. Wat zou er overblijven van een mens als deze bepalende factor tot op zekere hoogte wegvalt? Wat zou het nog uitmaken? Zouden onsterfelijken uiteindelijk naar de dood smachten? Wat blijft er over van de toch al ten dele opgeheven evolutionaire ontwikkeling van de mens? Het zijn moeilijk te beantwoorden vragen maar noodzakelijke reflecties in deze ‘grenswetenschappelijke’ queeste.
Wat me ten slotte opviel aan het artikel van Visionair.nl was dat er bar weinig aandacht aan toekomstscenario’s werd besteed. Laat staan aan de persoon van De Grey zelf. Alleen aan het op handen zijnde wonder, aldus verkondigd door De Grey, werd ruchtbaarheid gegeven. Een kleine zoektocht op Google leerde dat het een tamelijk wereldvreemde, schijnbaar geobsedeerde man betreft. Enigszins ironisch is het, van hoe weinig visie bij Visionair.nl dit getuigt. Gek dat deze man hier amper wetenschapsfilosofisch tegengas krijgt. Is de eeuwige jeugd dan toch echt wat we allemaal willen? Boezemt de dood ons nog steeds zoveel angst in? Ikzelf hou liever aan dit natuurlijke mechanisme van veroudering en uiteindelijke sterfte om plaats te maken voor nieuw, vers leven. Vervolgens hoop ik stiekem wel voor zolang dat kan in de herinnering van dierbaren en nabestaanden voort te leven.
Voor het artikel, zie: http://www.visionair.nl/wetenschap/aubrey-de-grey-eerste-honderdvijftigjarige-al-geboren/
Reacties
Niekie!:
Ik had het artikel nog niet gelezen, maar ik ben het met je eens dat er weinig reactie is op de ethische vraagstukken die eeuwig leven met zich mee brengt. Het artikel had wat dat betreft meer discussie verdient. Oorzaak zal wel zijn dat de focus in het artikel met name ligt op het idee van het herstellen van ouderdom, niet op het gevolg van onsterfelijkheid (dat wordt in het artikel dan ook niet genoemd). Verder is 4 juli zomervakantie, wat het rustiger maakt op de site ;).
Desalniettemin zeker terechte overpeinzingen. "...is het geen gekke gedachte dat elitaire groepen degenen zonder geld en macht deze onsterfelijkheid ontzeggen" - dat vind ik eigenlijk eerder een elitaire vorm van eugenetica!
Niekie!:
En Ruben, wat je écht even moet luisteren, is het prachtige gedicht van Harrie Jekkers - De ballade van de dood.
http://www.youtube.com/watch?v=d8ufIBGfX9o
Het einde van de ballade:
...
Maar de knapste zei: "Ja, maar wie laat hem los?
Want wie de deur open doet is als eerste de klos."
En de koning stond op en hij sprak theatraal:
"Laat mij het maar doen, gegroet allemaal!
Mijn angst voor de dood is nu wel genezen,
Ik heb, geloof ik, meer van het eeuwige leven te vrezen."
En hij schreed naar de kooi, machtig en groot,
En stierf in de armen van de gretige dood.
"Leve de dood!" riep het volk dol gelukkig,
En ze leefden nog lang, en stierven gelukkig!
Ruben:
Bedankt voor je reactie. Ik dacht misschien al wat te ver vooruit, er werd in het artikel van Visionair gehint op 'een eeuwig leven'. De problemen en kwesties hierboven genoemd kunnen alsnog de kop opsteken als de levensduur van mensen tot 150 jaar kan worden verlengd. Afijn, ik probeer maar wat toekomstscenario's te schetsen en andere facetten uit te lichten dan louter de biologische haalbaarheid van het langer laten leven van mensen.
Grappig liedje trouwens!
Josh:
Ruben,
Het artikel op visionair.nl geeft de visie van Audrey de grey te extreem weer, hij voorspelt namelijk nergens de mogelijkheid van een oneindig leven. Onnozel is dan ook het kopje "Levensduur: onbeperkt", terwijl het bijbehorende stuk hier totaal niet over uitwijdt. (Vervolgens komt dan ook het kopje "Hoe oud zullen we worden?", een vraag waar het vorige kopje al pretendeerde het antwoord op te hebben).
Jouw reactie op dit inhoudelijk falen is de vraag of we wel oneindig moeten willen leven; je gaat dus eigenlijk aan de haal met een verkeerd geschetst beeld. Kijk maar: "Alchemisten en dromers zijn De Grey voorgegaan met hun streven naar het eeuwig leven". De alchemisten waarmee je hem over een kam scheert streefden naar een oneindig leven, wat iets anders is dan voorzien dat mensen 'eeuwig' kunnen leven (lees: een aantal eeuwen leven). Toch interpreteer jij het wel degelijk als het streven naar een oneindig leven (al is dat 'streven' al helemaal nergens concreet gemaakt) want je zegt dat "de tijd in zekere zin stil zal komen te staan".
Zijn visie houdt op z'n extreemst in dat een "indefinite lifespan" mogelijk is. Je spreekt je angst uit voor het oneindige leven, maar dit is überhaupt niet aan de orde; een "indefinite lifespan" staat niet gelijk aan de onmogelijkheid om dood te gaan.
Je kan dan weliswaar een legitieme angst uitspreken voor de gevolgen van het significant langer in leven blijven van mensen (overbevolking?), maar dit is tegelijkertijd niets nieuws onder de zon. Waar er mensen zijn met een visie dat men een eeuw langer moet kunnen leven stel jij dat je (slechts bij wijze van spreken) liever met de 85 jaar onder het gras gaat, maar dezelfde visie heeft ervoor gezorgd dat jij überhaupt je 85 jaar kan halen met het ontwijken en overwinnen van nogal wat obstakels in de weg. En wie bepaalt dan wanneer het genoeg is? Als je angst echt gebaseerd is op overbevolking kunnen we bijvoorbeeld ook vaccins weigeren en met een bescheiden 50 jaar onder de zoden, namelijk. In die zin moeten we erkennen dat het allemaal, van leeftijd tot overbevolking, een kwestie van smaak is.
De visie van het vliegen met een vliegtuig werd niet geboycot omdat men er ooit mee op een gebouw (of twee) zou kunnen invliegen. En dan nog, ja, kunnen we doemdenken en meer nadelen dan voordelen aan de vliegtuig plakken. Alleen is het geen vliegtuig, maar stamceltherapie, waarmee we echt aan de grens van een medische revolutie staan. Chronische hersenaandoeningen zijn bijvoorbeeld niet meer chronisch omdat hersenweefsel hersteld kan worden.
Misschien juist omdat al die keuzes die we in de wetenschap maken zo arbitrair zijn, is je stukje volgens jou een "noodzakelijke reflectie in een grenswetenschappelijke queeste". Ik zou zeggen, prima, maar ga niet aan de haal met verkeerd geschetste beelden. Zoals Audrey volgens het artikel stelt: "de therapieën waar we nu aan werken leiden slechts tot een lang leven als bijeffect van een betere gezondheid". Je (wetenschapsfilosofische?) vraag "of we oneindig moeten willen leven" past nauwelijks in de wetenschappelijke discussie die je zou verwachten. Diezelfde discussies worden dan ook nogal lang en vervelend als mensen elkaars definities gaan manipuleren.
Verder een interessant onderwerp
Niekie!:
@Josh: 'Je (wetenschapsfilosofische?) vraag "of we oneindig moeten willen leven" past nauwelijks in de wetenschappelijke discussie die je zou verwachten.' Zou je dat kunnen toelichten?
Ik zou het geen wetenschapsfilosofische maar primair een ethische vraag noemen. En aan de ene kant remt ethiek onze (wetenschappelijke) vooruitgang, maar aan de andere kant zorgt ethiek ervoor dat de wereld leefbaar en menselijk blijft (whatever that may mean). Ik denk dat het niet verkeerd is om wat ethische vraagtekens te zetten bij dergelijke levensrekkende 'vooruitgang'. En van 'lang leven' naar 'oneindig leven' is dan slechts een retorisch tactische stap (zie: http://nl.wikipedia.org/wiki/Hellend_vlak_(drogreden) )
DaanvdB:
Ik wil me niet in de discussie mengen, maar graag een ding opmerken: met de vergelijking met vliegtuigen en wat daar wel niet mee kan gooi je alle ethiek op een veel te makkelijke manier overboord; iets wat ten alle tijde vermeden moet worden. Verder goede kritiek.
Reageer zelf